Definitie
Voordat we toekomen aan de uitspraak is het goed scherp voor ogen te hebben wanneer er volgens de Alcoholwet sprake is van sterke drank. De definitie hiervoor staat in artikel 1 van de Alcoholwet.
– sterke drank: de drank, die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor vijftien of meer volumenprocenten uit alcohol bestaat, met uitzondering van wijn;
Casus
De Voedsel- en Waren Autoriteit, Keuringsdienst van Waren heeft op 30 maart 2004 een proces-verbaal opgemaakt. Op 13 september 2004 waren de verbalisanten in een discocenter waar zij meerdere malen meisjes, die niet onmiskenbaar 18 jaar of ouder waren, drankjes zagen bestellen aan de bar, zonder dat er door de barman om een legitimatiebewijs, zoals bedoelt in artikel 20 lid 4 van de Drank- en Horecawet, werd gevraagd. Deze drankjes betroffen o.a. Boswandeling met Bacardi Rum en cola, Malibu met cola, jonge jenever met bitter-lemon en soms met vloeistof van een post-mix-apparaat. De bedrijfsleider verklaarde destijds dat een mix drankje bestaande uit jonge jenever met bitter-lemon ook wel ‘Ufo’ genoemd wordt. De bedrijfsleider toonde de verbalisant daarbij tevens een doos flessen waarop op de doos stond: "Bokma Jonge Graanjenever" 35% vol. 6x1000 ml”. De bedrijfsleider verklaarde aan de verbalisant ook dat deze jenever aan de bar gemixt werd met bitter-lemon. Ook op 30 augustus 2004 is een vergelijkbaar proces-verbaal opgemaakt door de Voedsel- en Warenautoriteit, Keuringsdienst van Waren, waarbij de verbalisanten op 29 mei 2004 eveneens meerdere malen meisjes, die niet onmiskenbaar 18 jaar of ouder waren, drankjes zagen bestellen aan de bar, zonder dat er door de barman om een legitimatiebewijs werd gevraagd. Ook hier werd weer ‘Ufo’ geschonken.
Is een (op locatie) gemixte drank een sterke drank?
De raadsman van de verdachte voerde vervolgens aan dat niet bewezen kan worden dat sterke drank is verstrekt, nu het gaat om de verstrekking van ter plaatse, al dan niet met behulp van een postmix-apparaat, gemaakte mixdrankjes. Dit verweer wordt door het Hof verworpen. ‘Voor het bewijs dat sterke drank is verstrekt, is voldoende dat wordt vastgesteld dat de drank die wordt verstrekt, geheel of ten dele afkomstig is uit een fles sterke drank. Anders dient per glas van verstrekte drank het alcoholpercentage te worden bepaald, aangezien het alcoholpercentage afhankelijk is van de mengverhouding; bij een mixapparaat kan de verstrekker de mengverhouding bepalen. Hierdoor zou de door de wetgever beoogde bescherming van minderjarigen tegen alcohol illusoir worden.’
Achtergrond
De achtergrond hiervan blijkt uit de wetsgeschiedenis. De wijziging van de Drank- en Horecawet beoogde toen, in het bijzonder, om alcoholgebruik onder jongeren tegen te gaan. ‘Aan die doelstelling en het daaruit voortvloeiende verbod van art. 20, tweede lid, Drank- en Horecawet om sterke drank te verstrekken aan jongeren onder 18 jaar, zou tekort worden gedaan, indien dat verbod niet zou omvatten de verstrekking van sterke drank in een door de verstrekker vervaardigd mengsel van sterke drank en (een) andere drank(en) als waarvan hier sprake is (zogenoemde postmixen)’, zo wordt gesteld. ‘Bij een dergelijke vermenging bestaat immers het risico dat het alcoholpercentage van het verstrekte mengsel - welk percentage zich moeilijk zal laten vaststellen - de in art. 1, eerste lid, Drank- en Horecawet vastgelegde limiet te boven gaat.’
Noot: In dit artikel gebruiken we de Alcoholwet en de Drank- en Horecawet door elkaar heen, aangezien ten tijde van de uitspraak het nog de Drank- en Horecawet betrof. Dit geldt ook voor de huidige NVWA en haar voorgangers, zoals o.a. De Voedsel- en Waren Autoriteit, Keuringsdienst van Waren.